Eigenaren kerncentrale Dodewaard moeten meer zekerheden stellen.

04 november 2021

Tot eind jaren negentig was de kleine kerncentrale in Dodewaard via de centrale elektriciteitsproductiebedrijven eigendom van provincies en gemeenten. Die constructie bood zekerheid dat te zijner tijd de ontmantelingskosten van de in 1997 stilgelegde kerncentrale opgehoest zou worden. Weliswaar hadden de producenten daar geld voor gereserveerd, maar dat was onvoldoende om de kosten te dekken. Daarom was besloten de centrale pas na dik 45 jaar stilstand te ontmantelen, zodat het gereserveerde geld door rente en beleggingsrendement kon aangroeien. Echter, die geruststellende gedachte werd rond de eeuwwisseling verstoord door privatisering en liberalisering. Door wettelijk voor te schrijven dat de geprivatiseerde energiebedrijven voldoende financiële zekerheden moeten afgeven, wil de Nederlandse Staat voorkomen dat de belastingbetaler rond 2045 alsnog voor de kosten van ontmanteling opdraait. De vraag is daarbij wel hoe hoog die zekerheden moeten zijn. De Staat en betrokken energiebedrijven kunnen het daarover niet eens worden. Dus moest de rechter er aan te pas komen, tot de Raad van State aan toe. Die heeft zich nu uitgesproken in het voordeel van de Staat. De loonkosten waarmee de energiebedrijven rekenen zijn te laag en de Staat mag van de rechter de bovenkant van de onzekerheidsmarge hanteren, aldus de RvS.


Deel dit


Dit vind je misschien ook interessant….