10 december 2018

Engeland en het continent halen de energetische banden aan

Brexit houdt de gemoederen bezig en het is vooralsnog onduidelijk hoe de relatie tussen het Verenigd Koninkrijk enerzijds en de Europese Unie en individuele lidstaten anderzijds, er na maart 2019 uit zal zien. Voor wat de energiesector betreft, lijken de gevolgen van Brexit bij een ‘no-deal’ mee te vallen. Sterker nog de Belgische en Engelse netbeheerders staan op het punt om de Britse eilanden elektrisch juist steviger met het continent te verbinden. De netbeheerders hebben namelijk de Nemo Link feestelijk in gebruik genomen. Deze 140 kilometer lange, 1000 MW en 400kV kabel tussen België en Engeland wordt momenteel getest en zal naar verwachting in de loop van het eerste kwartaal 2019 op commerciële basis operationeel worden. De nieuwe kabel vervult een belangrijke rol in de integratie van de Europese energiemarkt in het algemeen en de inpassing van duurzame energie in het bijzonder.  

Uiteraard is het voor de Europese energiemarkt ook van groot belang dat het functioneren van bestaande verbindingen niet gehinderd worden door Brexit. De Nederlandse regering werkt daarom aan een verzamelwet Brexit, waarmee onder andere de Elektriciteitswet en de Gaswet ‘no-deal‘ Brexit-proof moeten worden gemaakt.

Normaliter vallen verbindingen tussen lidstaten namelijk onder de jurisprudentie van de EU, maar bij de Brexit worden Britned (elektriciteit) en BBL (gas) verbindingen tussen een lidstaat en een niet-lidstaat. Om te voorkomen dat er geen of juist conflicterende regelgeving op deze verbindingen van toepassing is, wil de regering de wettelijke bevoegdheid krijgen om via algemene maatregelen van bestuur het transport van energie in goede banen te kunnen leiden.


Gaswinning in Nederland verder onder druk

Het ministerie van Economische Zaken en Klimaat (EZK) wil de NAM toestemming geven om in Hardenberg nieuwe gasputten te boren en de winning van gas tot 2033 voort te zetten. Sinds de jaren zeventig is in Hardenberg ruim 12,5 miljard m3 gas gewonnen, maar de betreffende velden kunnen in de komende 15 jaar in totaal mogelijk nog een kleine 2,8 miljard m3 opleveren. Die productie uit kleine velden is voor de regering belangrijk om onder andere de snelle daling van de productie in Groningen op te kunnen opvangen. Die productiedaling in Groningen verloopt namelijk sneller dan verwacht liet de minister onlangs aan de Tweede Kamer weten. Na 2022 is het Groningenveld nog slechts in beperkte mate nodig en vanaf 2023 ligt de jaarlijkse productie waarschijnlijk beneden 5 miljard m3/jaar, uitgaande van een jaar met gemiddelde buitentemperaturen. Dat is minder dan 10% van de jaarproductie in 2013.

Dat is goed nieuws voor de inwoners van de door aardbevingen geplaagde gebieden, maar het opvangen van die daling door gaswinning uit kleine velden op te voeren stuit op verzet van lokale autoriteiten en inwoners. De provincie Brabant en diverse gemeenten, waaronder Tilburg, hebben aangekondigd in beroep te gaan tegen het besluit van EZK om in Loon op Zand de gaswinning tot 2026 voort te zetten en die productie, onder andere door middel van hydraulische stimulatie (fracken), zelfs te verhogen.


Europese Commissie: CO2-reductie is urgent en verantwoordelijkheid van allen

Vanwege de internationale Klimaattop in Polen is er de afgelopen tijd bijzonder veel media-aandacht voor klimaatacties, of juist het achterwege blijven daarvan. In Nederland wordt die trend versterkt door de onderhandelingen voor een nationaal Klimaatakkoord dat nog voor de Kerst grotendeels gereed moet zijn. In het kader van die nationale en internationale onderhandelingen is het niet vreemd dat tal van rapporten, white papers en position papers, in meer of mindere mate het opkomen voor het algemeen belang combineren met het behartigen van specifieke belangen van de opdrachtgever of eigen achterban. Zo concludeert de Europese gassector bijvoorbeeld dat de 2030 klimaatdoelen van de EU relatief eenvoudig bereikt kunnen worden door van olie en kolen over te stappen op gas. De voordelen van zo’n overstap zijn evident. Minder CO2-uitstoot, eenvoudigere inpassing van hernieuwbare energie en op termijn kan aardgas voor een belangrijk deel worden vervangen door hernieuwbaar gas. Echter, dat deze bevindingen worden gepresenteerd door Eurogas kan ten koste gaan van de effectiviteit van de boodschap.

Daarom is het goed dat de Europese Unie een strategiedocument heeft gepubliceerd waarin zonneklaar wordt gemaakt dat het aanpakken van de CO2-uitstoot urgent is en de verantwoordelijkheid van alle sectoren in de samenleving.  De EU wil het voortouw nemen in de mondiale strijd tegen de opwarming van de aarde door op een sociaal acceptabele en kosten-efficiënte wijze in 2050 op nul CO2–uitstoot uit te komen. Als tussenstap wordt een reductie van minimaal 40% CO2-uitstoot (ten opzichte van 1990) in 2030 voorzien, maar de strategie mikt eigenlijk op 45% reductie in 2030.

Vooral de energievoorziening moet daarvoor flink op de schop want die sector is goed voor 75% van de totale CO2-uitstoot in de EU. De strategie van de EU verdeelt de lasten over alle geledingen in de samenleving. Daarbij benadrukt de EU dat naarmate er sneller wordt begonnen met het nemen van kordate acties, er meer keuzevrijheid blijft om de 2030/2050 marsroutes aan te passen aan specifieke omstandigheden van landen, industrieën en consumenten.

EU strategie voor CO2-reductie in +1,5 graden Celsius scenario.
Bron: https://www.lngworldnews.com/dutch-gate-lng-terminal-hits-send-out-record/#.XAWlmT_BnK8.twitter


Marktprijzen

In november gleden de olieprijzen geleidelijk maar gestaag omlaag om begin december in een twijfelzone terecht te komen. Dat in verband met de Opec-vergadering van 6&7 december. Krachtige afspraken voor productiebeperking zouden prijzen omhoog kunnen stuwen, terwijl het uitblijven van afspraken tot verdere daling kon aanzetten. In de aanloop naar de vergadering stegen de prijzen lichtjes, maar richtingbepalende afspraken bleven uit totdat vrijdagmiddag 7 december plots een productiebeperking bekend werd. Vanaf 1 januari aanstaande en ten opzichte van de oktober productie, min 1,2 mln vaten per dag. Opec leden nemen 2/3e  van de daling voor hun rekening, niet-Opec leden doen de rest. De vergadering streeft naar stabiele olieprijzen tussen 60 en 70 USD/bbl, maar de besluitvorming over hoe dat te bereiken is moeizaam verlopen. De olieprijs schoot door het nieuws z’n 5% omhoog en daalde dezelfde dag nog tot beneden 62 USD/bbl, minder dan 2% boven de sluiting van de vorige dag en fors lager dan de 85 USD/bbl van begin oktober en 73 USD/bbl aan het begin van november. Verwacht wordt dat gebrek aan richting aanleiding kan geven tot een periode met volatiele prijzen. De prijzen voor WTI liggen 8 tot 9 USD/bbl lager dan de prijzen voor brent.

De kolenprijzen vertoonden gedurende november in grote lijnen hetzelfde beeld als de olieprijzen: een forse daling in de eerste drie weken en stabilisatie met lichte stijging in de laatste week van november en begin december. Hogere waterstanden in de rivieren stimuleren de vraag vanuit het binnenland, wat een opwaartse druk op de prijzen geeft. Bovendien zijn de prijsverschillen tussen verschillende leveringstermijnen grotendeels verdwenen. Lange tijd waren kolenprijzen voor levering op korte termijn beduidend hoger dan prijzen voor levering in het volgende kalenderjaar, maar inmiddels liggen die prijzen dicht bij elkaar.  Door het milde weer begin november zijn de prijzen voor levering in december 2018 en kwartaal 1 2019 relatief sterk gedaald en sindsdien in de buurt van de prijzen voor levering kalanderjaar 2019 gebleven. Begin november lag de prijs voor Cal 19 rond 92 USD/ton terwijl die begin december ruim 85 USD/ton bedroeg.

Bij emissierechten steeg de prijs in de eerste week van november weer tot boven de 20 EUR/ton en schommelde de rest van de maand rond dat bedrag. Begin december kwam de prijs weer in een neergaande trend, op zichzelf opmerkelijk gelet op de berichten dat de CO2-uitstoot weer snel oploopt waardoor de doelen van de Parijs-overeenkomst buiten beeld dreigen te raken. Alle ambities voor een kordate aanpak van het klimaatprobleem ten spijt, lijken korte termijnbelangen de markt voor emissierechten te domineren, waaronder de krachtige steun die Polen heeft uitgesproken voor de blijvende inzet op steenkool.

Normaliter volgen prijzen voor gas en elektriciteit de het patroon van olieprijzen, maar dat was in november veel minder het geval. Bij gas kwam duidelijk tot uiting dat het in sterke mate een regionale markt betreft. Een ongeplande uitval van gasvoorziening vanuit Noorwegen zorgde begin van de maand november voor een piek in prijzen voor de komende maanden en komend jaar. Voor de rest van de maand bleven gasprijzen relatief hoog, naar verluidt aangejaagd door een sterke vraag naar elektriciteit, elektriciteit die voor een belangrijk deel met aardgas wordt opgewekt. Basislast elektriciteit kalenderjaar 2019 steeg van een kleine 55 EUR/MWh begin november naar een kleine 57 EUR/MWh begin december. Prijzen voor kwartaal 1 2019 liggen pakweg 5 EUR/MWh hoger dan de prijzen voor het hele jaar 2019.

Bron: Ice-Endex

 


Deel dit


Dit vind je misschien ook interessant….