09 december 2021

Deense vergunning voor Thor windpark op zee voor veel geld geveild

Het Thor-project voor 1000 MW wind op zee is tot nu toe het grootste offshore windpark van Denemarken. Er zijn veel voordelen aan dit park: een locatie dicht bij de kust, dicht bij een haven, met hoge windsnelheden en geen andere parken in de buurt die de wind uit de zeilen nemen. De veiling van het recht om op die locatie een offshore windpark te mogen bouwen was dan ook in trek. De veiling betrof een ‘contract for differences’: bij lage marktprijzen betaalt de Staat de exploitant en, anders dan in het Nederlandse SDE-systeem, bij hoge marktprijzen betaalt de exploitant aan de Staat.  Bij de huidige hoge marktprijzen is dat laatste het geval. RWE is de winnaar van de veiling en gaat naar verwachting 2,8 miljard DKK, oftewel ongeveer 376 miljoen Euro, aan de Deense Staat betalen voor het mogen bouwen van het grootste Deense windpark op zee, inclusief de aansluiting van het park op het onshore elektriciteitsnet.

Omdat er meerdere partijen waren die dit bedrag geboden hebben, is de winnaar via loting bepaald. Het park moet eind 2027 volledig operationeel zijn. Verwacht wordt dat de verschuldigde betaling al binnen enkele jaren kan worden voldaan, waarna RWE de rest van de 30 jaar, plus mogelijk 5 jaar verlenging, vrij is om het park naar eigen inzicht te exploiteren.


Definitieve investeringsbeslissing voor grootste Duitse offshore windpark

Een van de partijen die in de Deense Thor-veiling aan het kortste eind trok, is het Deense Orsted, ook in Nederland een van de grotere spelers in offshore wind. Op dezelfde dag dat het Duitse RWE aankondigde de 1000 MW Deense veiling te hebben gewonnen, kondigde Orsted aan de definitieve investeringsbeslissing te hebben genomen voor de bouw van 1142 MW offshore wind in Duitse wateren.

Dat betreft Gode Wind (242 MW) en het grootste Duitse windpark op zee Borkum Riffgrund 3 (900 MW). Deze parken moeten in 2024, respectievelijk 2025 operationeel worden. In het persbericht is Orsted ook positief over corporate PPA’s, omdat deze het mogelijk maken voor bouwers als Orsted gigaprojecten zonder steun van de overheid te realiseren. Borkum Riffgrund 3 was namelijk het eerste grote offshore windpark dat zonder subsidie werd aanbesteed en kan worden gebouwd mede door 786 MW afname contracten met onder andere Amazon, Google en BASF.


Landen rond de Noordzee willen door met wind op zee

Met de aankondiging dat Denemarken naar verwachting honderden miljoenen euro’s gaat ontvangen voor het Thor-windpark nog vers in het geheugen, hebben de landen rond de Noordzee (UK uitgezonderd) en de Europese Commissie afgesproken om ook voor de periode 2030 – 2050 volop in te zetten op wind op zee en daarbij onderling goed samen te werken.

Die samenwerking is onder andere gericht op het verbeteren van de ruimtelijke planning, het delen van informatie zoals op het gebied van ecologie en uitwisselen van ervaringen met steunmechanismen zoals de contract for differences. De ambities van de groep liegen er niet om. Tegen 2030 moet er 60 GW wind op de Noordzee staan en 1 GW in de oceaan. Een kleine 20 jaar later moet dit zijn opgelopen tot 300 GW op zee en 40 GW in de oceaan. Volgens de EU zijn deze capaciteiten nodig om de Parijs en COP26 doelstellingen te halen.

 

Wind op zee: niet alleen een succesverhaal

De voorgaande onderwerpen laten diverse successen zien van wind op zee, maar niet alles is goud wat blinkt. Zo worstelt Nederland nogal met de aanlandingen van de kabels die de zeewindstroom naar het landelijk net moeten transporteren. Met name gaat dat om het noorden van het land. Daar hebben de lokale autoriteiten succesvol gelobbyd om gebieden ten noorden van de Waddeneilanden aangewezen te krijgen voor windenergie. Echter, toen het tot de bevolking doordrong dat de plannen inhielden dat er een sleuf dwars door Schiermonnikoog moest worden gegraven of geboord, sloeg blijdschap om in breed verzet. In een uitvoerige brief aan de Tweede Kamer laat de regering nu weten om de aanlandingen voor ‘windparken ten noorden van de Waddeneilanden’ opnieuw te gaan bekijken.

Het oorspronkelijke plan was om de eerste kabel, ondergronds, dwars over Schiermonnikoog te leggen om tussen de eilanden ruimte te laten voor veel zwaardere kabels die later aangelegd zouden worden. Dat plan laat de regering nu varen. Er komt een nieuwe procedure, één ruimtelijk proces voor het aanlanden van 4,7 GW naar Eemshaven in 2031. Daarbij wordt ook alvast gekeken naar ruimte voor extra capaciteit na 2031, al dan niet in de vorm van een waterstofleiding.

Marktprijzen

De hernieuwde uitbraak van corona en met name de zeer besmettelijke omikron-variant roept de vraag op of de wereld in de komende maanden meer of juist minder ruwe olie nodig heeft. Vooralsnog geven de inreisverboden een lagere vraag naar olie als indicatie, maar dat kan elk moment omslaan in groei. Voor Opec+ betekent dat vooral dat de komende tijd de hand op de kraan moet worden gehouden: wel extra produceren, maar met de mogelijkheid snel af te knijpen als de vraag tegenvalt. Het besluit zet de olieprijzen onder druk, maar ook dit kan dus snel omslaan als de vraag toch blijkt te stijgen. De prijs voor Brent lag begin november nog boven 80 USD/bbl, daalde bijna 10 USD/bbl rond 25 november met het bekend worden van omnikron en schommelt begin december tussen 70 tot 72 USD/bbl.

Net als de olieprijzen, daalden ook de kolenprijzen rond 25 november fors en dan vooral de leveringen op korte termijn. Begin december trad weer een redelijke stijging op. Begin november lag de jaar-vooruit prijs rond 100 UDS/ton, begin december was dat rond 110 USD/ton. Leveringen op korte termijn waren begin november pakweg 25% duurder dan jaar-vooruit, maar die premie is teruggelopen tot ongeveer 10% begin december.

De marktprijs voor emissierechten lijkt bezig te zijn met een onstuitbare opmars. Van circa 57 EUR/ton begin november in opgaande lijn naar 77 EUR/ton begin december, met slechts hier en daar een korte pauze in de rally. Overigens is die rally niet danken aan de Nederlandse regering, want die heeft besloten om de EU-commissie niet te vragen om de CO2-rechten voor de Onyx Power kolencentrale uit de markt te nemen. Het handelssysteem biedt die mogelijkheid als lidstaten actie ondernemen om de CO2-uitstoot terug te dringen, zoals de Nederlandse regering doet door 212 miljoen euro voor de sluiting van de kolencentrale uit te trekken. Door de rechten toch in de markt te laten, kan het zijn dat de betaling aan Onyx Power alleen effect heeft op de uitstoot in Nederland, maar geen bijdrage levert aan het beperken van de opwarming.

De prijzen voor elektriciteit volgden hetzelfde patroon als de emissieprijzen en vooral de prijzen voor levering op korte termijn zijn begin december met 240 EUR/MWh voor basislast januari 2022 ongekend hoog. Met 140 EUR/MWh doet jaar-vooruit het rustiger aan, maar ook dat is een bijzonder forse prijs. Voor inkopers levert dat een dubbel probleem op. Naast een hoge prijs, moeten ze ook zeer hoge waarborgsommen afgeven als hun kredietwaardigheid door de verkoper als te zwak wordt gezien. Partijen die niet over die liquiditeit beschikken, moeten noodgedwongen op de spotmarkt inkopen waar de prijzen nog hoger liggen. Levering aan eindverbruikers wordt dan snel zwaar verliesgevend, zoals Anode Energie en daarmee verbonden bedrijven helaas hebben ervaren.

Op de gasmarkt zitten alle partijen op het vinkentouw: wat doet het weer, wat doen de transportcapaciteiten en hoe staat het met de vullingsgraad van de gasopslagen? Voor levering op korte termijn ziet dat er niet bijzonder rooskleurig uit en dus steeg de prijs gedurende november van pakweg 65 EUR/MWh bij aanvang  naar 95 EUR/MWh begin december. Ook hier doet jaar-vooruit het met begin december ongeveer 57 EUR/MWh rustiger aan.


Bron: Ice-Endex


Deel dit


Dit vind je misschien ook interessant….