Nieuwsbrief februari 2018

05 februari 2018

Tweede Kamer kiest voor volledige transparantie herkomst elektriciteit

De Tweede Kamer heeft het wetsvoorstel Voortgang Energietransitie aangenomen. Dat voorstel regelt diverse zaken, zoals bijvoorbeeld de afbakening van het taakgebied van netwerkbedrijven. Enkele jaren terug waren deze zaken al in wetsvoorstel STROOM opgenomen. Dat voorstel sneuvelde echter in de Eerste Kamer, omdat de Senaat de splitsing van Eneco wilde tegenhouden (wat dus niet kon door STROOM te blokkeren). In aanvulling op het voorstel van de regering heeft de Tweede Kamer per amendement, diverse bepalingen toegevoegd. De belangrijkste toevoeging gaat over  elektriciteit met van garanties van oorsprong (bestaand systeem voor groene stroom) en certificaten van oorsprong (nieuw systeem voor grijze stroom). Leveranciers moeten volgens dit amendement alle elektriciteit die aan afnemers in Nederland wordt geleverd, voorzien van garanties dan wel certificaten van oorsprong.

Minister Wiebes heeft de Tweede Kamer afgeraden om het amendement aan te nemen, mede omdat Nederland veel elektriciteit importeert. Die elektriciteit is niet voorzien van Certificaten van Oorsprong. Daardoor wordt het verschil tussen fysieke en administratieve werkelijkheid groter[1], wat het vertrouwen in het systeem van groene stroom juist kan ondermijnen. Het heeft daarom Wiebes’ voorkeur om de ‘volledige’ transparantie Europees in te voeren, iets waar Wiebes zich hard voor maakt.

De Tweede Kamer wil daar echter niet op wachten. Het woord is nu aan de Eerste Kamer, die zich mag gaan uitspreken over het integrale voorstel, dus inclusief het afgeraden amendement.

[1] Voor de volledigheid: in het voorgestelde artikel 77a wordt voorgeschreven dat met de levering corresponderende hoeveelheden GvO/CvO moeten worden afgeboekt. Dat zou inhouden dat elektriciteit die niet van GvO of CvO is voorzien, niet geleverd mag worden, oftewel, alle geïmporteerde elektriciteit moet worden vergroend.


Europese netbeheerders willen grenscapaciteit kunnen gebruiken voor leveringszekerheid

De eenwording van de Europese energiemarkt verloopt moeizaam. Dat komt mede doordat diverse landen compleet uiteenlopende groeiprocessen hebben doorgemaakt en, erger nog, sommige landen onderling sterk verknoopt zijn. In een systeem met centrale planning, kan het bijvoorbeeld handig zijn om bepaalde functies niet zelf uit te voeren, maar die in te kopen bij de buren. Ter illustratie: in de vorige eeuw gebeurde dat ook in Nederland. De regering schreef voor dat 1/3e van de productie uit kerncentrales moest komen, maar de bevolking wilde die kerncentrales niet. Geen nood, kernenergie kon in Frankrijk worden ingekocht, al vereiste dat wel extra hoogspanningsverbindingen. Pas rond de eeuwwisseling leidde dat tot problemen. Toen deed de vrije markt de intrede en mochten de hoogspannings­verbindingen niet langer specifiek voor de import van kernenergie worden gereserveerd. Gelukkig was dat vooral een commerciële kwestie en kwam de leveringszekerheid er niet door in gevaar. Dat is echter geen vanzelfsprekendheid, bijvoorbeeld als het ene land voor balanceerfuncties zwaar leunt op een ander land.

Niet langer kunnen leunen op een buurland is precies waar Entso-E, de organisatie van Europese netbeheerders elektriciteit, voor vreest. Om de eenwording van de markten te bevorderen, wil de Europese Raad namelijk dat minimaal 75% van de grenscapaciteit aan marktpartijen ter beschikking wordt gesteld.

Dat zal volgens Entso-E het goed functioneren van de elektriciteitsvoorziening in gevaar brengen en tot fors hogere kosten voor congestiemanagement leiden. Bovendien zorgt het voor een niet-efficiënte inzet van centrales, met een fors hogere CO2-uitstoot als gevolg. Entso-E roept de beleidsmakers daarom op om van het voorstel af te zien. Voor Nederland zal dat overigens zo’n vaart niet lopen, maar vanwege de koppeling van Europese netten, kan uitval in één land, tot een kettingreactie leiden die doorwerkt in meerde landen.


Nordstream 2 ontvangt vergunning voor aanleg in Duits territorium

Landen in West-Europa zien graag dat de directe gasleiding tussen Rusland en Duitsland wordt verdubbeld.

De zogeheten Nordstream 2 vergroot de leveringszekerheid en biedt tal van strategische voordelen. Het project staat echter onder druk, mede omdat diverse Oost-Europese landen zich gepasseerd voelen.

Daarom is het een opsteker voor het project dat de Duitse autoriteiten eind januari de aanleg en exploitatievergunning hebben verleend voor de 55 kilometer door Duitse territoriale wateren en de aanlanding bij Griefswald. Bij Greifswald sluit de leiding aan op het transportsysteem van Gasunie.


Pilotplant voor ijzerproductie zonder CO2-uitstoot

Sinds mensenheugenis wordt ijzer gewonnen door in hoogovens ijzeroxide bloot te stellen aan een overmaat aan koolstof, afkomstig uit steenkool. Het resultaat is niet alleen dat ijzer wordt gewonnen, maar ook dat veel koolmonoxide en kooldioxide wordt gecreëerd. Hoogovens prijken derhalve hoog op lijsten met grote uitstoters[2] van broeikasgassen. Om de klimaatdoelstellingen van Parijs te halen, zou de uitstoot van ijzerproductie fors gereduceerd moeten worden. Dat geldt vooral voor landen met relatief weinig CO2-uitstoot en relatief veel ijzerproductie, zoals Zweden en Finland. Dat is niet eenvoudig, want in een hoogoven is steenkool (om precies te zijn, cokes) niet alleen de energiebron maar ook het draagmateriaal. Dat laatste maakt dat het niet eenvoudig is om steenkool door milieuvriendelijkere energiebronnen te vervangen. IJzerproductie zonder steenkool vereist namelijk een compleet andere aanpak en dat is precies waaraan in Zweden wordt gewerkt.

In Zweden is groen licht gegeven om een proefinstallatie te ontwerpen voor ijzerproductie op basis van waterstof. Voor de planning en ontwerp is pakweg 2 miljoen euro uitgetrokken. Het ontwerp van de reactor is namelijk fundamenteel anders dan een traditionele hoogoven en het ijzererts moet tot speciale pellets worden bewerkt. Het benodigde waterstof zal met duurzame elektriciteit worden geproduceerd. De verwachtingen van de initiatiefnemers zijn hooggespannen. Als deze technologie de traditionele ijzerproductie kan vervangen, dan kan de Zweedse CO2-uitstoot 10% dalen en de Finse 7%.

[2] De reductie van ijzeroxide vereist een overmaat aan koolstof. Hoogovengassen bevatten daarom een substantieel aandeel koolmonoxide.

Bij omzetting van koolmonoxide in kooldioxide komt warmte vrij.  De gassen worden daarom meestal gebruikt als energiebron voor elektriciteitsproductie, zoals bijvoorbeeld in de Velsencentrales. Helaas verstoort die CO & CO2 uitstoot van ijzerproductie via elektriciteitscentrales  de statistieken omdat niet altijd duidelijk wek deel van de uitstoot veroorzaakt wordt door ijzerproductie en welk deel door elektriciteitsproductie.


Marktprijzen

De markt verwacht dat Opec er samen met Rusland in slaagt om het overvoeren van de markt met ruwe olie te voorkomen. Die verwachting zorgt voor gestaag stijgende prijzen, afgewisseld met dippen. In de loop van januari pluste brent er enkele dollars per vat bij, maar vooral het Amerikaanse WTI steeg relatief sterk. Aan het einde van de maand trad weer een daling op. Brent sloot de maand af net onder 69 USD/bbl en WTI net onder 65 USD/bbl. Daarmee nam de spread tussen beide producten af van zo’n 6 USD/bbl aan het begin van de maand tot zo’n 4 USD/bbl aan het einde van de maand.

De prijzen voor steenkool waren in januari grotendeels stabiel, maar aan het einde van de maand gingen ze in duikvlucht omlaag. De relatief hoge prijzen voor steenkool in de afgelopen periode werden mede veroorzaakt door groeiende import door China. China probeerde de afhankelijkheid van steenkool terug te dringen door in de eigen productie in te grijpen, maar schijnt nu op dat beleid terug te komen. Meer eigen productie betekent minder noodzaak voor import en dus vraagdaling op de wereldmarkt. Eind januari kostte steenkool levering 2019 net geen 83 EUR/ton, ruim 5 EUR/ton minder dan enkele dagen eerder.

De prijzen voor emissierechten stegen in de loop van januari tot ruim boven 9 EUR/ton. Eind januari moest voor emissierechten zo’n 9,30 EUR/ton worden betaald.

De prijzen voor levering van basislast elektriciteit in de komende maand, daalden sinds het begin van de maand januari van 48 EUR/MWh naar pakweg 43 EUR/MWh. Prijzen voor langere termijn daarentegen vertoonden een redelijk stabiel tot licht dalende trend. Cal 2019 basislast kostte eind januari net iets meer dan 38 EUR/MWh.

Bij aardgas wijzen de prijzen omlaag, maar de zware beving bij Zeedijk en, als gevolg daarvan, vrees voor productiebeperkingen zorgde in de periode van 9 t/m 12 januari wel kortstondig voor een sterke opleving. De warme winter en goed gevulde gasbergingen droegen bij aan de kortstondigheid van de prijsstijging.

 

Bron: Ice-Endex



Dit vind je misschien ook interessant….