Nieuwsbrief januari 2020

Op de hoogte blijven van het laatste nieuws op de energiemarkt.

16 januari 2020

Kan het derde decennium de klimaat-ambities waarmaken?

In het afgelopen decennium is de productie van duurzame energie, en met name de productie van hernieuwbare elektriciteit, fors toegenomen. Volgens energieopwek.nl werd in 2019 zo’n 20% van het elektriciteitsverbruik hernieuwbaar opgewekt. Vooral de opwek van zonne-energie groeide in 2019 fors met een toename van maar liefst 50% ten opzichte van 2018. Omdat elektriciteit slechts voorziet in een relatief beperkt deel van de totale energiebehoefte, valt de totaalscore een stuk lager uit: 9% van het finale energieverbruik in 2019 was hernieuwbaar. Daarbij is nog geen rekening gehouden met het energieverbruik in de lucht- en zeevaart. 

 

Hoewel de voortgang bij de verduurzaming van de energievoorziening op zichzelf indrukwekkend is, liegen de ambities voor het nieuwe decennium er niet om. Er zijn namelijk hoge doelen gesteld voor de komende jaren. Dat begint al met dit jaar. Voor het huidige jaar is in het Energieakkoord (2013) het doel van 14% duurzame energie vastgelegd, een doel dat overigens overeenkomt met de Europese verplichting die Nederland is aangegaan. In het kader van de Urgenda Klimaatzaak heeft de regering voor 2020 ook toegezegd de CO2-uitstoot met 25% te verlagen ten opzichte van 1990. Een doel dat nog bijzonder forse inspanning vereist. In 2023 moet het percentage duurzame energie toenemen tot 16%. Het belangrijkste jaar voor de klimaatambities is 2030. In het recente Klimaatakkoord is vastgelegd dat de CO2-uitstoot dan 49% lager moet zijn dan in 1990. Dat is dus in tien jaar tijd meer dan een verdubbeling van de reductie die in de afgelopen dertig jaar met veel pijn en moeite is gerealiseerd. Lokaal zijn de ambities vaak nog hoger dan nationaal, tot “2030 klimaatneutraal” aan toe.

 

Bij het waar maken van de ambities heeft de regering zowel het tij mee als tegen. Een belangrijke meevaller is de brede bewustwording van de ernst van de klimaatproblemen en gevoelde noodzaakom actie te ondernemen. Weliswaar zette de Commissie Brundtland met het rapport “Our Common Future” al in de jaren tachtig van de vorige eeuw milieuproblematiek op de publieke agenda, de werkelijke discussies bleven beperkt tot een relatief kleine groep specialisten. Zelfs de wereldwijde klimaatafspraken in het Kyoto-protocol uit 1997, veranderden daar weinig aan. Sinds het begin van de 21ste-eeuw is dat omgeslagen, meer en meer is energie een publieksaangelegenheid geworden. Deels is dat het gevolg van acties ondernomen door de regering, zoals tientallen miljarden euro’s aan subsidies voor opwek van duurzame energie, deels door veranderingen in het weer, zoals het sneuvelen van het ene na het andere hitte-record. Die bewustwording helpt bij het waarmaken van ambities, bijvoorbeeld omdat huishoudens in toenemende mate bereid zijn om zonnepanelen te installeren of deelnemen in lokale energie-coöperaties.

 

Aan de brede bewustwording zit echter ook een keerzijde die het waarmaken van de klimaatambities juist tegenwerkt. Er is namelijk geen simpele oplossing om de CO2-uitstoot terug te dringen. De tientallen miljarden euro’s aan subsidies, net als bijkomende kosten voor bijvoorbeeld netverzwaring, moeten door verbruikers en/of belastingbetalers worden opgebracht. Energie is daardoor duur en ‘energiearmoede’ dreigt. Bovendien nemen zonneparken veel ruimte in, veroorzaken windturbines ernstige geluidsoverlast en neemt door biomassa als energiebron, naast mogelijke aantasting van biodiversiteit, de uitstoot van fijnstof en stikstofoxides toe. Die nadelen van opwek van duurzame energie roepen weerstand en verzet op. Zo heeft gemeente Almere zich onlangs aangesloten bij het verzet tegen een biomassa warmtecentrale in Diemen.

 

Gelukkig is er ook goed nieuws voor het klimaat. Het Europese systeem van handel in emissierechten (ETS) werkt naar behoren waardoor de CO2-uitstoot van relatief grote installaties afneemt. Die goede werking komt tot uiting in relatief hoge prijzen voor emissierechten. Die prijs is namelijk de zichtbare uitkomst van vraag & aanbod en omdat het aanbod aan rechten afneemt, stijgt de prijs en daalt de uitstoot. Overigens valt het nog te bezien of  ETS voor de Nederlandse klimaatambities veel soelaas biedt. De kracht van ETS zit namelijk in het bevorderen van kostenefficiënte reductie van CO2-uitstoot. Dat houdt in dat de minst efficiënte en meest vervuilende installaties als eerste worden stilgelegd, ten gunste van moderne installaties, waar dan ook in Europa. Omdat Nederland beschikt over moderne en efficiënte industrie en elektriciteitscentrales, kan het heel goed zijn dat reductie van CO2-uitstoot op Europees niveau, tot gevolg heeft dat de uitstoot in Nederland juist stijgt. Dat is goed voor het klimaat maar slecht voor het waarmaken van de nationale klimaatambities.

 

De recent gelanceerde plannen voor een ‘EU carbon border tax’ vallen mogelijk ook in de categorie ‘goed voor het klimaat, slecht voor de nationale ambities’. Als het systeem de verwachting namelijk waarmaakt, wordt het ‘uitbesteden’ van CO2-intensieve activiteiten naar landen buiten de EU minder aantrekkelijk. Voor de Europese industrie biedt dat kansen om echt werk te maken van verbeteren van de energie-efficiëntie waardoor de wereldwijde uitstoot daalt, maar de Europese uitstoot mogelijk wel toeneemt. Aardgas zal als schoonste fossiele brandstof in die efficiëntieslag ongetwijfeld een belangrijke rol vervullen. Afhankelijk van de exacte uitwerking  van een CO2-grensbelasting kan deze zelfs bevorderen dat gasproducenten en exporteurs van gas naar de EU, werk gaan maken van het verduurzamen van aardgas, bijvoorbeeld door het gas deels om te zetten in waterstof en de vrijkomende CO2 in lege gasvelden op te slaan. Zodra dat op grote schaal mogelijk wordt, wordt het halen van klimaatambities een stuk eenvoudiger.

 

Marktprijzen

Begin december kwam het oliekartel Opec bij elkaar om afspraken te maken over productie en prijzen. Hoewel het aanvankelijk leek alsof de bijeenkomst gedoemd was te mislukken, lijken de afspraken toch stand te houden. Opec kreeg daarbij hulp uit onverwachte hoek. De aankondiging van Donald Trump dat een overeenkomst met China aanstaande is, houdt in dat de vraag naar olie kan rekenen op een extra stimulans, wat aanleiding is voor hogere prijzen. Gedurende december gingen de prijzen derhalve gestaag omhoog. Begin januari deed Trump nog een duit in het zakje. Door het opdrijven van de spanningen met Iran steeg de prijs de eerste handelsdagen van 2020 aanzienlijk. Immers, ongeveer 25% van de mondiale olievoorziening wordt getransporteerd via de Perzische Golf. Dat houdt in dat de voorziening ernstig in gevaar komt als die waterweg door conflicten onbruikbaar wordt. In de loop van december steeg de prijs voor brent van zo’n 60 USD/bbl naar ruim 66 USD/bbl en op 3 januari, na bekend worden van de Amerikaanse aanslag op een hooggeplaatste Iraanse generaal, steeg de prijs met een kleine 4%  naar bijna 69 USD/bbl.

 

Net als in november, stonden de steenkoolprijzen ook in december onder grote druk vanwege dalende aardgasprijzen. Elektriciteitsproductie stapt vanwege dat laatste deels over op aardgas met een lagere vraag en dito prijzen voor steenkool als gevolg. Levering kalenderjaar 2021 daalde van een kleine 63 EUR/ton begin november naar ruim 56 EUR/ton begin december.

 

De prijzen voor emissierechten bewogen in december fors tussen 24 EUR/ton en 27 EUR/ton. Onzekerheid over de Britse emissierechten speelde daarbij een belangrijke rol. De maand werd afgesloten op nagenoeg hetzelfde niveau als bij aanvang: ongeveer 24,5 EUR/ton.

 

Dalende prijzen voor kolen en gas betekenen dat ook de elektriciteitsprijzen dalen. Vooral levering in 2021 heeft daar onder te lijden. De prijs voor basislast 2021 daalde van ruim 46,5 EUR/MWh begin december naar een ruime 41 EUR/MWh eind december. Levering in kwartaal 2 2020 hield een vlakker patroon aan met een beginwaarde van een kleine 48 EUR/MWh en een eindwaarde van 46 EUR/MWh

 

Hoewel de vraag naar gas in Nederland momenteel vrij hoog is door de inzet van gascentrales, mede ten behoeve van export van elektriciteit, zit Europa dermate ruim in het gasjasje dat prijzen sterk onder druk staan. Dat betreft vooral levering in 2020 waarvan de prijzen in de laatste handelsdagen fors onderuit gingen. De jaren 2021 en 2022 hadden minder te leiden onder de malaise. Levering 2023, die eind 2019 in de notering kwam, lag met een kleine 17 EUR/MWh qua prijs dicht bij levering in 2022.

Marktprijzen

Marktprijzen

Bron: Ice-Endex


Deel dit


Dit vind je misschien ook interessant….