14 juni 2019

Integratie elektriciteit en gas voor de decarbonisatie van de energievoorziening

In Europa worden de belangen van de landelijke netbeheerders voor elektriciteit behartigd door de organisatie ENTSO-E en voor de landelijke netbeheerders voor gas is evenknie ENTSOG actief. Deze organisaties spelen een belangrijke rol in de energievoorziening, omdat ze het platform vormen voor regelgeving en tal van (technische) afspraken over de samenwerking van de net- en systeembeheerders elektriciteit en respectievelijk gas. Hoewel de transportsystemen voor elektriciteit en gas in zekere mate onderling gekoppeld zijn, werd daar van oudsher in de regelgeving weinig rekening mee gehouden. Zo wil TenneT bijvoorbeeld op minutenbasis gascentrales kunnen op- en afregelen terwijl GTS liefst een uur van te voren geïnformeerd wil worden als het gasverbruik van de centrale significant gaat veranderen. 

In de afgelopen jaren zijn de transport- en systeembeheerders (TSO) meer rekening met elkaar gaan houden en naar zoals het er nu uitziet, komt het proces van integratie van regelgeving door de energietransitie in een stroomversnelling. Zo presenteerden TenneT en Gasunie begin dit jaar een gezamenlijke visie op systeemintegratie. De belangrijkste verwachting daarin is dat richting 2050 elektriciteit en gasnetten via strategisch geplaatste power to gas installaties, onderling gekoppeld zijn. Het visiedocument heeft alleen betrekking op de werkgebieden van TenneT en Gasunie, zijnde Nederland en Duitsland, maar gaat grotendeels ook op voor de rest van Europa. Sterker nog, de EU praat al volop over de toenemende integratie van elektriciteit en gas ten behoeve van het koolstofvrij maken van de energievoorziening.

Onlangs nog werd er in Madrid een hele conferentie aan gewijd. Veelzeggend daarbij is dat één van de presentaties werd verzorgd door ENTSO, oftewel, ENTO-E en ENTSOG tezamen. Niet alleen door gas to power en power to gas, maar ook door de opkomst van hybride verwarmingssystemen, raken gas- en elektriciteitsnetten onderling steeds meer verknoopt en daar willen de organisaties bij de planning rekening mee gaan houden.

Uit de presentaties blijkt ook dat een goede afstemming tussen gas en elektriciteit niet alleen vanuit het oogpunt van (transport)zekerheid wenselijk is, maar ook vanwege het beperkt houden van de kosten van de energietransitie.Daarbij gaat het om astronomische bedragen. Consultants van Navigant hebben bijvoorbeeld berekend dat een energievoorziening waarin duurzaam gas optimaal wordt toegepast, jaarlijks 217 miljard euro goedkoper is dan een energievoorziening waarin de rol van gas wordt geminimaliseerd.

 

Juni wordt een hete maand voor het Nederlandse Klimaatbeleid

Eind december vorig jaar presenteerde Ed Nijpels het ontwerp-klimaatakkoord. Dat was enigszins een anticlimax omdat vakbond FNV en milieuorganisaties de dag ervoor uit het overleg waren gestapt. In maart dit jaar volgde nog een deceptie met een doorrekening van CPB en PBL. Die berekening gaf aan dat de te verwachten reductie te gering was of te onzeker. De regering had echter al een reactie klaar en beloofde ferme actie, onder andere op het gebied van een CO2-heffing voor de industrie. Met de kabinetsreactie konden de onderhandelaas weer aan de slag, wat volgens de regering nog voor de zomer tot een definitief akkoord moet leiden. Meer in het bijzonder, op 21 juni moet het stuk er liggen. Of dat gaat lukken valt nog te bezien.

Ondertussen wordt de regering ook achterna gezeten door Urgenda. Vier jaar geleden won die organisatie de rechtszaak tegen de Nederlandse Staat, waardoor in 2020 de CO2-uitstoot op Nederlandse bodem 25% lager moet zijn dan in 1990. Ondanks principiële bezwaren tegen de beslissing van de rechtbank om conform de eis van Urgenda CO2-reducte verplicht te stellen, heeft de regering meermaals toegezegd de uitspraak te zullen honoreren. Concrete actie werd door de regering echter op de lange baan geschoven in afwachting van resultaten van reeds in gang gezet beleid. De verwachting was immers dat ook zonder specifiek Urgenda-beleid, de benodigde reductie ongeveer gehaald zou worden. Groei van de economie en de afname van import van elektriciteit uit het buitenland, gooide echter roet in het eten. Langer uitstel is niet meer mogelijk. De Tweede Kamer verliest het geduld en Urgenda eist resultaat.

Daarbij stelt Urgenda zich constructief op, zoals blijkt uit een 40punten plan. Dit plan bevat allerlei uitgewerkte en doorgerekende suggesties om de CO2-uitstoot terug te dringen. Bijzonder aan het plan is dat de maatregelen ieder voor zich slechts een bescheiden reductie opleveren, maar het hele pakket voldoende is om de benodigde 25% reductie te bereiken. Ook bijzonder is dat Urgenda in het plan verder kijkt dan de gebruikelijke maatregelen op het vlak van energiebesparing & duurzame energie. Zo wordt onder andere vergroening van daken en vernatting van veenweiden aanbevolen.  Het 40puntenplan wordt op 24 juni a.s. gepresenteerd, een betekenisvolle datum want op 24 juni 2015 deed de Rechtbank de fameuze uitspraak in de Urgenda-klimaatzaak.

 

Marktprijzen

Door de handelsconflicten die de Verenigde Staten onder president Trump aanwakkeren, nemen de zorgen over de mondiale economie sterk toe. Met hoge importtarieven wil Trump investeringen in Amerikaanse fabrieken bevorderen, maar zelfs als dat lukt, dreigt dat in eerste instantie gepaard te gaan met verstoring van aanvoerlijnen en logistieke processen. Dat betekent een terugval van economische activiteiten en dus terugval van de vraag naar olie en dus tot lagere prijzen. Prjzen voor brent daalden van ruim 70 USD/bbl begin mei naar ruim 60 USD/bbl begin juni. De goedkopere Amerikaanse WTI daalde relatief gezien nog harder, van ruim 61 USD/bbl begin mei naar een kleine 52 USD/bbl begin juni.

De prijzen voor steenkool volgde de prijzen voor olie. Dat mede door de verslechtering van de marktpositie van steenkool.  Levering cal 2020 gleed van ruim 70 USD/ton begin mei af naar ruim 64 USD/ton begin juni. Levering komende zomer is pakweg 9 USD/ton goedkoper dan levering 2020. 

Bij emissierechten bleven de prijzen het grootste deel van mei boven 25 EUR/ton, maar op de laatste dag van de meimaand dook de prijs onder 25 EUR/ton. Dat vanwege dalende energieprijzen en vooral vanwege dalende gasprijzen, waardoor de vraag naar CO2-intensieve steenkool in het gedrang komt.

Ook de elektriciteitsmarkt volgde in de maand mei de trend van dalende energieprijzen. Levering basislast jaar 2020 kostte begin mei een kleine 52 EUR/MWh en begin juni bedroeg de prijs ruim 49 EUR/MWh. De prijsdaling bij leveringen derde kwartaal 2019 was aanmerkelijk sterker, van ruim 45 EUR/MWh naar ruim 40 EUR/MWh begin juni. De toename van opgesteld vermogen zonne-energie draagt hier aan bij. Op de dag vooruit markt is dat effect nog duidelijker, met zelfs negatieve prijzen op zondag 2 juni tussen 15h00 en 17h00 als gevolg.

Op de gasmarkt deed zich een nieuw marketing fenomeen voor. De Amerikaanse federale regering heeft namelijk Amerikaanse LNG gelabeld als zijnde ‘moleculen van de vrijheid’. De timing van de marketingcampagne is echter slecht gekozen, want de gasprijzen dalen sterk, te sterk voor Amerikaanse LNG om serieuze concurrentie met pijpleidinggas aan te kunnen. Vooral prijzen voor korte termijnlevering zijn spectaculair gedaald. Begin mei waren leveringen in de komende dagen/maanden met prijzen rond 14 EUR/MWh al goedkoop te noemen, begin juni naderde dag vooruit zelfs de 10 EUR/MWh, terwijl kwartaal 3 2019 voor prijzen rond 12 EUR/MWh bemachtigd kon worden.

Bron: Ice-Endex


Deel dit


Dit vind je misschien ook interessant….