Wie krijgt de grootste waterstoffabriek?

19 oktober 2018

De afgelopen decennia lag de nadruk bij de verduurzaming van de energievoorziening sterk op elektriciteit. Elektriciteit levert echter slechts zo’n 1/5e van de totale behoefte aan energie. Dat betekent dat er nog een enorme uitdaging ligt om ook het niet-elektrische deel van de energievoorziening te verduurzamen. Dat houd ook in dat het economische potentieel van die uitdaging bijzonder groot is. Daarbij komt dat het recente IPCC rapport van internationale klimaatwetenschappers duidelijk maakt dat haast geboden is bij het terugdringen van de uitstoot van broeikasgassen. Gasvormige duurzame brandstof zoals waterstof zal daarbij een grote rol gaan spelen. Daarvoor zijn wel technische doorbraken nodig om de kosten te verlagen en de energetische efficiëntie te verbeteren. Als dat lukt, dan zijn de mogelijkheden van waterstof groot. Vanwege de grote belangen en kansen die waterstof biedt, willen overheden, bedrijven, adviseurs en overige belanghebbenden de techniek graag zo snel mogelijk verder ontwikkelen. Die gedrevenheid leidde deze week tot een soort race om de eerste, de grootste of de beste waterstoffabriek te ontwikkelen. Zo willen de Nederlandse netbeheerders Gasunie en TenneT in Duitsland aan de slag met een waterstoffabriek. Op zich geen slecht idee want Duitsland kampt regelmatig met overschotten aan elektriciteit waardoor beursprijzen regelmatig zelfs negatief zijn. Nederland biedt echter ook kansen voor waterstof. In de regio Eemshaven komt chemie, kennis van gas en veel elektriciteit bij elkaar, een combinatie die belangrijk is voor de ontwikkeling van waterstoftechnologie. In mindere mate geldt dat zelfs voor Emmen, een plaats die ook grote interesse heeft in waterstof. Dat valt echter in het niet bij de combinatie die Noord-Holland te bieden heeft. Tata Steel (voorheen Hoogovens) heeft enerzijds een grote energiehonger en anderzijds veel ervaring met allerlei soorten gassen, van zuurstof, aardgas tot hoogovengas, oftewel koolmonoxide. In combinatie met de aanwezigheid van chemie en de hoge klimaatambitie van de gemeente Amsterdam, leidt dat tot een recept voor een grote waterstoffabriek. Voor de goede orde, vooralsnog gaat het vooral om het maken van plannen en onderzoeken naar haalbaarheid. Of en waar er werkelijk fabrieken gebouwd gaan worden, valt dus nog te bezien. Wel is daarbij van belang dat de vermogens waarover gesproken wordt, snel toenemen. Terwijl Gasunie en voormalig Akzo onderdeel Nouryon in het Noorden nog bezig zijn met de ontwikkeling van een 20 MW testcentrum, worden dus al diverse de plannen voor 100 MW installaties gelanceerd.


Deel dit


Dit vind je misschien ook interessant….

}